• Nogmaals: u kunt alleen meedoen als uw gemeente of NME zich aanmeldt (zie vorige pagina).
• Laat uw leerlingen thuis naar Energy Survival kijken, of bekijk enkele afleveringen klassikaal.
Tip1: Alle afleveringen staan op de website, gebruik een beamer of digibord.
Tip2: Het is niet nodig om alle afleveringen onder schooltijd te bekijken. De tv-serie dient als inspiratie- en motivatiebron.
• Laat de eerste webwandeling (energie) maken door alle leerlingen.
In deze les staat de basiskennis over energie en klimaat.
Tip: Heeft u een digibord, maak de les dan klassikaal.
• Verdeel uw klas in Energy Survival Teams.
Ieder team werkt een les rondom een energievorm uit:
team groen: bio-energie
team blauw: windenergie
team rood: waterkrachtenergie
team geel: zonne-energie
team bruin: fossiele energie
team paars: spierkracht
De leerlingen moeten niet alleen wat informatie verzamelen, ze moeten het ook begrijpen. Dat wat je uit kunt leggen, snap je ook zelf. Daarom maken de teams een PowerPoint-presentatie waarin ze aan de rest van de klas uitleg geven over het energiethema dat zij hebben uitgewerkt. Instructiefilmpjes en een stappenplan begeleiden het maken van de presentatie.
Tip1: Maak duo’s; er zijn 6 thema’s, in een klas van 30 leerlingen zijn er dus van elk thema 2 of 3 duo’s.
Tip2: Bij ieder thema zit naast de webwandeling een aantal extra keuzeopdrachten. U kiest als leerkracht wat uw leerlingen moeten doen: een proefje, een thuisopdracht of een onderzoek in de eigen omgeving.
Tip4: Laat de energieproefjes maken. Bekijk vooraf de opdracht en verzamel spullen. Besteed een handvaardigheidles aan Energy Survival!
Tip5: Organiseer eens een excursie. Waar is in uw omgeving iets te zien over (groene) energie?
Tip6: Laat de thuisopdracht maken en bespreek de resultaten in de klas. Deze opdracht zorgt er voor dat de leerlingen ontdekken dat het thema energie ook in hun eigen omgeving belangrijk is. Bovendien betrekt de opdracht ouders bij het gesprek over het thema en het schoolproject.
• Sluit het project af met “De Uitdaging”.
Door het uitvoeren van deze opdracht laten de kinderen zien dat ook zij iets kunnen doen aan het energieprobleem. Via deze uitdagen vragen ze ook aandacht bij anderen voor het energie- en klimaatvraagstuk. Maak een filmpje van uw actie en zet dat op de website van Energy Survival! Lees hieronder over Young Reporters.
• Young Reporters
In diverse opdrachten van het project worden de leerlingen uitgedaagd verslag te doen van hun activiteiten. Door hun foto’s uit hun eigen omgeving, werkstukjes en filmpjes te uploaden. Zo ontstaat een bronnenbank voor en door kinderen over energie en klimaat door de ogen van kinderen gezien.
Door te werken aan het Energy Survival project bedient u allerlei leerinhouden, algemene onderwijsdoelen en kerndoelen.
Energy Survival gaat erg uit van samenwerkend leren en ontdekkend leren.
Het thema wordt opgesplitst in deelthema’s die worden verdeeld over de klas. Ieder groepje werkt een deelthema uit en maakt daarover een presentatie. Kinderen leren daardoor van kinderen. Bovendien: je begrijpt iets pas echt als je het aan een ander uit kunt leggen.
Energy Survival biedt een contextrijke leeropdracht om te leren omgaan met ICT:
- werken binnen een webbased elektronische leeromgeving
- communiceren binnen een gesloten en veilig berichtensysteem
- gericht zoeken op internet
- multimedia gebruiken
- tekstverwerken
- PowerPoint (in het lesproject zitten instructiefilmpjes verwerkt)
Uiteraard werken de leerlingen tijdens het project in een zinvolle context aan de algemene (kern)doelen van Nederlands: spreken en schrijven.
Verder sluit Energy Survival aan bij de onderstaande kerndoelen van het domein “Oriëntatie op jezelf de wereld”:
Mens en samenleving
34 De leerlingen leren zorg te dragen voor de lichamelijke en psychische gezondheid van henzelf en anderen.
Bij Energy Survival leren kinderen bewust omgaan met energie en milieu.
35 De leerlingen leren zich redzaam te gedragen in sociaal opzicht, als verkeersdeelnemer en als consument.
Kinderen zijn al op jonge leeftijd consument van energie, maar ook van tal van producten die te maken hebben met energie, afval, uitstoot van CO2, etc.
36 De leerlingen leren hoofdzaken van de Nederlandse en Europese staatsinrichting en de rol van de burger.
Burgerschap is een verplicht onderdeel van het Nederlands onderwijs. Ook kinderen hebben als jonge burger al verantwoordelijkheden. In Energy Survival leren zij op hun niveau al na te denken over hun eigen rol en verantwoordelijkheid in de (klimaat- en milieu)problemen van onze samenleving, maar ook krijgen ze kijk op de beslissers en de beslissingsprocessen.
37 De leerlingen leren zich te gedragen vanuit respect voor algemeen aanvaarde waarden en normen.
38 De leerlingen leren hoofdzaken over geestelijke stromingen die in de Nederlandse multiculturele samenleving een belangrijke rol spelen, en ze leren respectvol om te gaan met verschillen in opvattingen van mensen.
39 De leerlingen leren met zorg om te gaan met het milieu.
Uiteraard een hoofddoel van Energy Survival.
Natuur en techniek
40 De leerlingen leren in de eigen omgeving veel voorkomende planten en dieren onderscheiden en benoemen en leren hoe ze functioneren in hun leefomgeving.
41 De leerlingen leren over de bouw van planten, dieren en mensen en over de vorm en functie van hun onderdelen.
Bomen en planten zijn erg belangrijk voor het omzetten van CO2 in zuurstof. In het Energy Survival project leren kinderen over dit proces.
42 De leerlingen leren onderzoek doen aan materialen en natuurkundige verschijnselen, zoals licht, geluid, elektriciteit, kracht, magnetisme en temperatuur.
De (facultatieve) proefjes in Energy Survival geven aanleiding voor de bestudering van natuurkundige principes die ten grondslag liggen aan de energieopwekking.
43 De leerlingen leren hoe je weer en klimaat kunt beschrijven met behulp van temperatuur, neerslag en wind.
44 De leerlingen leren bij producten uit hun eigen omgeving relaties te leggen tussen de werking, de vorm en het materiaalgebruik.
45 De leerlingen leren oplossingen voor technische problemen te ontwerpen, deze uit te voeren en te evalueren.
Energy Survival daagt de leerlingen uit (soms buiten kaders) na te denken over oplossingen voor de huidige klimaat- en energieproblemen.
46 De leerlingen leren dat de positie van de aarde ten opzichte van de zon, seizoenen en dag en nacht veroorzaakt.
Zonne-energie, zomer- en wintertijd zijn belangrijke onderwerpen in het energievraagstuk.
Ruimte
47 De leerlingen leren de ruimtelijke inrichting van de eigen omgeving te vergelijken met die in omgevingen elders, in binnen- en buitenland, vanuit de perspectieven landschap, wonen, werken, bestuur, verkeer, recreatie, welvaart, cultuur en levensbeschouwing. In ieder geval wordt daarbij aandacht besteed aan twee lidstaten van de Europese Unie en twee landen die in 2004 lid werden,
de Verenigde Staten en een land in Azië, Afrika en Zuid-Amerika.
48 Kinderen leren over de maatregelen die in Nederland genomen worden/werden om bewoning van door water bedreigde gebieden mogelijk te maken.
De klimaatverandering zorgt voor een stijging van de zeespiegel en grotere verschillen in regenval en waterstand in de rivieren.
49 De leerlingen leren over de mondiale ruimtelijke spreiding van bevolkingsconcentraties en godsdiensten, van klimaten, energiebronnen en van natuurlandschappen zoals vulkanen, woestijnen, tropische regenwouden, hooggebergten en rivieren.
De spreiding van de energiebronnen zit vanzelfsprekend in Energy Survival. Maar Energy Survival gaat ook over de gevolgen voor natuur, klimaat en landschap.
50 De leerlingen leren omgaan met kaart en atlas, beheersen de basistopografie van Nederland, Europa en de rest van de wereld en ontwikkelen een eigentijds geografisch wereldbeeld.
Tijd
51 De leerlingen leren gebruik te maken van eenvoudige historische bronnen en ze leren aanduidingen van tijd en tijdsindeli

